BrabantStad laat zich door de bytes niet beetnemen

BrabantStad laat zich door de bytes niet beetnemen!
Er komen steeds meer sensoren te hangen, die data verzamelen van bewoners en bezoekers. Vaak hebben we er niet eens weet van. De overheid is aan zet om de toegang tot de infrastructuur te waarborgen en de nieuwe innovatie kansen te bevorderen. Willen we koplopers zijn op het gebied van digitalisering en onze inwoners als eerste laten profiteren van innovatieve ontwikkelingen, dan moeten we zorgen dat het voor alle spelers duidelijk is onder welke condities we nieuwe initiatieven welkom heten. Om dat mogelijk te maken hebben de vijf grote Brabantse steden en de provincie, samen BrabantStad genoemd, spelregels afgesproken. Deze principes moeten ervoor zorgen dat het gebruik van data en van de infrastructuur niet alleen gebruiksvriendelijk, maar ook veilig, transparant en eerlijk gebeurt. Dat zijn we aan onze burgers verplicht.

Staf Depla, Wethouder gemeente Eindhoven: “Het is niet vanzelfsprekend dat technologie ten dienste van mensen staat. Het is aan steden om publieke belangen te borgen en tegelijkertijd het innovatietempo hoog te houden.”

Dit zijn de vier hoofdprincipes, samengesteld door de gemeenten Amsterdam en Eindhoven, en eerder al onderschreven door de gemeenten Tilburg en Nijmegen:

  1. de digitale infrastructuur moet bijdragen aan een leefbare, gezonde en veilige stad. De infrastructuur in de openbare ruimte in de stad is er voor iedereen, ongeacht sociale positie en inkomen. De infrastructuur is goed beschikbaar, toegankelijk, toekomst-vast en veilig. Zij is ingericht conform de Europese en landelijke wet- en regelgeving rond privacy en security.
  2. de marktpartijen, instellingen, overheden en bewoners zijn zowel producent als gebruiker van de digitale infrastructuur en van de ‘slimme diensten’ die daar gebruik van maken. Samen, in co-creatie of alleen en waar dat voor hen wenselijk respectievelijk nodig is. De overheid regisseert en reguleert waar dat nodig is om de toegang, beschikbaarheid en de veiligheid van de digitale infrastructuur te waarborgen voor iedereen in de digitale stad.
  3. de gebruikte technologie voor Internet of Things is kenbaar, veilig (secure) en is interoperabel, kent ‘open interfaces’, ‘open protocollen’ en maakt gebruik van ‘open standaarden, tenzij….’ landelijke of Europese standaarden anders aangeven. Deze zijn leidend. Bewoners weten welke apparatuur in ‘hun omgeving’ is geplaatst, hebben daar invloed op en kunnen daar gebruik van maken.
  4. data is ‘open en gedeeld tenzij….’ de wet- en regelgeving rondom privacy en security anders aangeeft en tenzij de data-eigenaar de data niet wil delen. De data over de bewoner is van de bewoner; zij zijn de eigenaar van en beslissen wat er mee gebeurt. De data van de digitale infrastructuur verzameld in en over de publieke ruimte, is publiek goed.

 Bert Pauli, Gedeputeerde Economie en Internationalisering: “Digitalisering biedt veel nieuwe economische kansen. Het kan onze steden veiliger maken, verkeer en vervoer verbeteren en diensten mogelijk maken op het gebied van gezondheidszorg. Steden in Brabant hanteren vanaf vandaag dezelfde principes voor digitalisering en kunnen daardoor sneller verantwoord nieuwe technologie toepassen in het belang van hun inwoners.”

IMG 8959